hazelaar
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ha·ze·laar
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | hazelaar | hazelaren |
| verkleinwoord | hazelaartje | hazelaartjes |
Zelfstandig naamwoord
hazelaar m
- (plantkunde)een heester waaraan hazelnoten groeien
Vertalingen
1. een heester waaraan hazelnoten groeien
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.