hachelijk

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ha·che·lijk
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen hachelijk hachelijker hachelijkst
verbogen hachelijke hachelijkere hachelijkste

Bijvoeglijk naamwoord

hachelijk

  1. aanmerkelijk aan gevaar of risico blootstaand
    De tocht over het ijsveld was een hachelijke onderneming.
Verwante begrippen
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen