buffel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • buf·fel
Woordherkomst en -opbouw
  • [1.4.]: enigszins oneigenlijk als leenvertaling uit het Amerikaanse Engels
enkelvoud meervoud
naamwoord buffel buffels
verkleinwoord buffeltje buffeltjes

Zelfstandig naamwoord

buffel m

  1. (zoogdieren) een verzamelnaam voor een aantal zware holhoornige rundersoorten met vaak forse hoorns
    1. (dierkunde), Syncerus caffer Wikispecies-logo-en.png een Afrikaanse buffel of kafferbuffel
    2. (dierkunde), Bubalus bubalis Wikispecies-logo-en.png een Aziatische buffel: waterbuffel of karbouw
    3. (dierkunde), Bubalus mindorensis Wikispecies-logo-en.png een dwergbuffel van de Filipijnen en Celebes zoals de anoa's en de tamaroe of mindorobuffel
    4. (dierkunde), Bison bison Wikispecies-logo-en.png een Amerikaanse bizon
  2. leer vervaardigd van de huid van een buffel
  3. (figuurlijk) iemand die groot en stevig is
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
  • [3]: een buffel van een kerel
een zeer grote kerel
Vertalingen

Meer informatie

Werkwoord

vervoeging van
buffelen

buffel

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van buffelen
    Ik buffel.
  2. gebiedende wijs van buffelen
    Buffel!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van buffelen
    Buffel je?