bravo

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bra·vo

Tussenwerpsel

bravo

  1. een uitroep van bewondering of goedkeuring
enkelvoud meervoud
naamwoord bravo bravo's
verkleinwoord bravootje bravootjes

Zelfstandig naamwoord

bravo

  1. (spellingsalfabet) spelwoord van het ITU/NAVO-spellingalfabet voor de letter b
  2. een Italiaanse sluipmoordenaar
Synoniemen
Hyperoniemen


Spaans

  enkelvoud meervoud
mannelijk bravo bravos
vrouwelijk brava bravas

Bijvoeglijk naamwoord

bravo

  1. moedig, dapper
  2. woest, wild, ruig
    «Costa brava
    Ruige kust.
  3. stormachtig
  4. ruig, onbegaanbaar
  5. opvliegend, driftig
  6. geweldig, schitterend
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen