wild
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- wild
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | wild | wilder | wildst |
| verbogen | wilde | wildere | wildste |
Bijvoeglijk naamwoord
wild
- niet tam
- onbeschaafd, bruusk
Antoniemen
- [1] tam
Vertalingen
1. onbeschaafd, bruusk
Afgeleide begrippen
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | wild | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
wild o
- dieren die niet onder menselijke beheersing zijn opgegroeid
- vlees van een wild dier
Uitdrukkingen en gezegden
In het wild.
Vertalingen
1. dieren die niet onder menselijke beheersing zijn opgegroeid
2. vlees van een wild dier