appelsap
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ap·pel·sap
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | appelsap | appelsappen |
| verkleinwoord | appelsapje | appelsapjes |
Zelfstandig naamwoord
appelsap
- o (drinken) een vruchtensap die uit appels bereid is
- Op warme dagen drink ik graag appelsap.
- v/m een zekere voorraad van [1], zoals een pak of fles
- De appelsap is op, ik ga even een nieuw pak halen.
Hyperoniemen
Vertalingen
1. een vruchtensap bereid uit appels
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.