aardvarken
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: aardvarken (hulp, bestand)
- IPA: /ˈaːrtfɑrkə(n)/
Woordafbreking
- aard·var·ken
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | aardvarken | aardvarkens |
| verkleinwoord | aardvarkentje | aardvarkentjes |
Zelfstandig naamwoord
aardvarken o
- (zoogdieren) een zoogdier met een lange, kleverige tong dat vooral 's nachts actief is
- Heeft u een afbeelding van een aardvarken voor mij?
Vertalingen
1. een zoogdier met een lange, kleverige tong dat vooral 's nachts actief is
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.