zavel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • za·vel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zavel
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

zavel m en o

  1. grondsoort die merendeels uit zand bestaat met tussen 8 en 25% kleideeltjes
    • Bloembollen kunnen op zavel geteeld worden. 
Afgeleide begrippen

Gangbaarheid

31 % van de Nederlanders
88 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen