woordkeuze

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • woord·keu·ze
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord woordkeuze woordkeuzen
woordkeuzes
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

woordkeuze v/m

  1. keuze van de woorden in een bepaald verband
    - Met register, in de taalkunde, wordt aan een bepaalde situatie gebonden taalgebruik bedoeld, zowel wat betreft woordkeuze als zinsbouw.
    - Meisjes aanspreken met dames, en bejaarde vrouwen aanspreken met meisjes is spelen met de woordkeuze.