vondst

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vondst
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord vondst vondsten
verkleinwoord vondstje vondstjes

Zelfstandig naamwoord

vondst v

  1. iets dat vaak door goed geluk gevonden wordt, vaak op een archeologische site
    De vondst van de muurtekening bewees het prehistorisch leven in de regio.

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.