verbrede

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·bre·de

Werkwoord

vervoeging van
verbreden

verbrede

  1. aanvoegende wijs van verbreden
  2. verbogen vorm van verbreed, voltooid deelwoord van verbreden
    • Deze ooit verbrede weg wordt nu weer versmald. 

Bijvoeglijk naamwoord

verbrede

  1. verbogen vorm van de stellende trap van verbreed
Gelijkklinkende woorden

Gangbaarheid