treat

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Engels

Uitspraak
enkelvoud meervoud
treat treats

Zelfstandig naamwoord

treat

  1. tractatie


vervoeging
onbepaalde wijs to treat
he/she/it treats
verleden tijd treated
voltooid
deelwoord
treated
onvoltooid
deelwoord
treating
gebiedende wijs treat

Werkwoord

treat

  1. overgankelijk behandelen
    «He did not like to be treated this way.»
    Hij er hield niet van dat hij zo behandeld werd.
  2. overgankelijk (medisch) behandelen
    «This disease cannot be treated
    Deze ziekte kan niet behandeld worden.