storno

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stor·no
Afkorting
enkelvoud meervoud
naamwoord storno storno's
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

storno m

  1. het terugdraaien van een automatische incasso, nadat het geld al op de rekening van de ontvanger is gestort
    • Als een machtiging niet uitgevoerd kan worden wegens onvoldoende saldo, dan heeft dit een storno als gevolg. 
Synoniemen

Gangbaarheid

33 % van de Nederlanders;
21 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be