slotvraag

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • slot·vraag
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord slotvraag slotvragen
verkleinwoord slotvraagje slotvraagjes

Zelfstandig naamwoord

slotvraag v / m

  1. vraag die men aan het eind mag stellen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.