scar
Uiterlijk
- van Middelengels scar / scarre
| enkelvoud | meervoud |
|---|---|
| scar | scars |
scar
- (fysiologie) litteken
- (psychologie) blijvend nadelig gevolg van een traumatische ervaring
- (figuurlijk) blijvend zichtbaar gevolg van eerdere beschadiging
| vervoeging | |
|---|---|
| onbepaalde wijs | to scar |
| he/she/it | scars |
| verleden tijd | scarred |
| voltooid deelwoord |
scarred |
| onvoltooid deelwoord |
scarring |
| gebiedende wijs | scar |
scar
- onovergankelijk littekenweefsel ontwikkelen
- overgankelijk littekens bezorgen
- overgankelijk een trauma bezorgen
Categorieën:
- Woorden in het Engels
- Woorden in het Engels van lengte 4
- Woorden in het Engels met audioweergave
- Woorden in het Engels met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Engels
- Fysiologie in het Engels
- Psychologie in het Engels
- Figuurlijk in het Engels
- Werkwoord in het Engels
- Onovergankelijk werkwoord in het Engels
- Overgankelijk werkwoord in het Engels