prostitué

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: prostituee

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pros·ti·tué
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord prostitué prostitués
verkleinwoord prostitueetje prostitueetjes

Zelfstandig naamwoord

prostitué m

  1. (beroep) man die voor geld seksuele diensten aanbiedt
    • Hij was prostitué geworden. 
  2. (beroep) persoon (zonder onderscheid naar man of vrouw) die voor geld seksuele diensten aanbiedt
    • Geslachtsziekten vormen een groot risico in het leven van een prostitué. 
Synoniemen

Gangbaarheid

88 % van de Nederlanders;
79 % van de Vlamingen.

Meer informatie