pleura

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pleu·ra
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het me Latijn, in de betekenis van ‘borstvlies’ voor het eerst aangetroffen in 1663 [1]
  • [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord pleura -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

pleura

  1. (anatomie) het sereuze membraan dat dubbel geplooid rond elk van de longen ligt en zo een afscheiding vormt tussen longen en borstholte
Verwante begrippen


Meer informatie

Gangbaarheid

Verwijzingen


Frans

Werkwoord

vervoeging van
pleurer

pleura

  1. derde persoon enkelvoud verleden tijd (passé simple) van pleurer