parmantig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • par·man·tig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen parmantig parmantiger parmantigst
verbogen parmantige parmantigere parmantigste
partitief parmantigs parmantigers -

Bijvoeglijk naamwoord

parmantig

  1. rechtop en zelfbewust
    Die jongen loopt erg parmantig.
Uitdrukkingen en gezegden
  • parmantig omhoog gestoken
Vertalingen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl