parachutiste
Uiterlijk
- pa·ra·chu·tis·te
- afgeleid van parachutist met het achtervoegsel -e
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | parachutiste | parachutistes |
| verkleinwoord | parachutistetje | parachutistetjes |
de parachutiste v
- (beroep) vrouwelijke parachutist
- Het woord 'parachutiste' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.