ordner

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ord·ner
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Duits.
enkelvoud meervoud
naamwoord ordner ordners
verkleinwoord ordnertje ordnertjes

Zelfstandig naamwoord

ordner m

  1. een verstevigde map met een beugelklem bedoeld voor het geordend opbergen van geperforeerde losse bladzijden
    De uitvinding van de ordner door Leitz maakte het bijhouden van een boekhouding een stuk handzamer.