onbewoond

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·be·woond
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen onbewoond onbewoonder onbewoondst
verbogen onbewoonde onbewoondere onbewoondste
partitief onbewoonds onbewoonders -

Bijvoeglijk naamwoord

onbewoond

  1. zonder dat er mensen wonen
    • Robinson Crusoe woonde op een onbewoond eiland. 
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.