oervogel

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • oer·vo·gel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord oervogel oervogels
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

oervogel m

  1. prehistorische vogel
    • De vondst van de overblijfselen van een Archaeopteryx zorgen voor een nieuwe kijk op de oervogel, zoals het dier wordt genoemd. De allereerste vogels konden vermoedelijk toch vliegen. Dat stellen onderzoekers van een Duits instituut voor paleontologie en geologie in het wetenschapstijdschrift Nature. [1] 
    • Ook de kaken van de oervogel waren uniek. Het dier had tand-achtige uitsteeksels van bot uit zijn kaken waarmee hij vis en inktvis uit de zee kon vangen. De vogel was niet geschikt om op het land te leven. Waarschijnlijk kon hij wel lange tijd in de lucht blijven zweven. Omdat de vogel zo zwaar was, moet het opstijgen er volgens de onderzoekers heel indrukwekkend hebben uitgezien. [2] 
    • De samenstellers gaan ook controverses over dinosauriërs, vliegende reptielen en andere fossiele vondsten niet uit de weg. Carl Wieland stelt de veelbesproken oervogel Archaeopteryx aan de orde. Was het een vogel of een tussenvorm tussen vogels en dinosauriërs? [3] 

Gangbaarheid

83 % van de Nederlanders;
83 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Tubantia 03-07-14 Oervogel kon waarschijnlijk wel vliegen
  2. De Telegraaf 08 jul. 2014 Grootste vogel aller tijden ontdekt
  3. Reformatorisch Dagblad Bart van den Dikkenberg 07-09-2018 Veertig jaar Bijbelse argumenten tegen evolutionisme