negenjarig

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ne·gen·ja·rig
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstellende afleiding van negen en jaar met het achtervoegsel -ig
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen negenjarig
verbogen negenjarige
partitief negenjarigs - -

Bijvoeglijk naamwoord

negenjarig

  1. negen jaar oud
    • Het negenjarige kind ging naar groep 6 van de basisschool. 

Gangbaarheid