musketier

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mus·ke·tier
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord musketier musketiers
verkleinwoord musketiertje musketiertjes

Zelfstandig naamwoord

musketier m

  1. een soldaat die bewapend is met een musket
    • De musketier verdedigde zichzelf met het wapen. 
Verwante begrippen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie