morbiditeit

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mor·bi·di·teit
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord morbiditeit morbiditeiten
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

morbiditeit v

  1. (medisch) het ziektecijfer
Vertalingen

Gangbaarheid

91 % van de Nederlanders
92 % van de Vlamingen.

Meer informatie