mokkel
Uiterlijk
- mok·kel
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | mokkel | mokkels |
| verkleinwoord | mokkeltje | mokkeltjes |
de mokkel v / m, het mokkel o [4] [5]
| vervoeging van |
|---|
| mokkelen |
mokkel
- Het woord mokkel staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "mokkel" herkend door:
| 97 % | van de Nederlanders; |
| 86 % | van de Vlamingen.[6] |
- ↑ "mokkel" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ mokkel op website: Etymologiebank.nl
- ↑ mokkel op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 6
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Informeel in het Nederlands
- Werkwoordsvorm in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 97 %
- Prevalentie Vlaanderen 86 %