liet

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • liet

Werkwoord

vervoeging van
laten

liet

  1. enkelvoud verleden tijd van laten
    • Ik liet. 
    • Jij liet. 
    • Hij, zij, het liet. 

Gangbaarheid

78 % van de Nederlanders;
72 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be


Fries

Zelfstandig naamwoord

liet

  1. lied