lichtmast

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • licht·mast
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord lichtmast lichtmasten
verkleinwoord lichtmastje lichtmastjes

Zelfstandig naamwoord

lichtmast m

  1. een paal waaraan één of meerdere lampen zijn opgehangen
    • De lichtmast was weer kapot. 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie