leien

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • lei·en
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van lei met het achtervoegsel -en

Zelfstandig naamwoord

leien mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord lei
stellend
onverbogen (alleen
attributief)
verbogen leien

Bijvoeglijk naamwoord

leien

  1. alleen attributief uit lei vervaardigd
    Die kerk heeft een leien dak.
Synoniemen
Uitdrukkingen en gezegden
Dat loopt erg soepeltjes.