kwam voort

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kwam voort
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
voortkomen

kwam voort

  1. enkelvoud verleden tijd van voortkomen
    • Ik kwam voort. 
    • Jij kwam voort. 
    • Hij, zij, het kwam voort. 


Gangbaarheid