kurkuru
Uiterlijk
- kur·ku·ru
- Surinaams Nederlands
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | kurkuru | kurkuru's |
| verkleinwoord |
- (visserij) mand gemaakt van gevlochten riet waarin men vis kan bewaren
- Het woord kurkuru staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.