kniebroek

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • knie·broek
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kniebroek kniebroeken
verkleinwoord kniebroekje kniebroekjes

Zelfstandig naamwoord

kniebroek v/m

  1. broek met pijpen tot en met de knie of tot net boven de knie
    • Een kniebroek is een stuk langer dan hotpants. 
Synoniemen
  1. culottes, capribroek, vissersbroek, drollenvanger

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie