kerstgala
Uiterlijk
- kerst·ga·la
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | kerstgala | kerstgala's |
| verkleinwoord | kerstgalaatje | kerstgalaatjes |
het kerstgala o
- (kerst) een gala georganiseerd in de kerstperiode
- Het kerstgala vormde het afsluitende evenement van het jaar.