kabeltrui

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ka·bel·trui
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kabeltrui kabeltruien
verkleinwoord kabeltruitje kabeltruitjes

Zelfstandig naamwoord

kabeltrui v/m

  1. een gebreide trui met een kabelmotief
    • Op de ochtend van het debat scheurt hij uit de broek van zijn olijfkleurige pak als hij in zijn auto wil stappen. Heather helpt hem snel aan een nieuwe outfit: een grijze broek, een wit overhemd en daaroverheen een rode kabeltrui van het merk Izod. [1] 

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1. NRC Peter Zantingh 14 februari 2017