jaarvogel

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • jaar·vo·gel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord jaarvogel jaarvogels
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

jaarvogel

  1. vogelsoort die het gehele jaar in een bepaald gebied waargenomen wordt
    • Hoewel het merendeel van de spreeuwen die in Nederland broeden naar het buitenland vertrekt, worden zij vervangen door soortgenoten uit het noorden, de spreeuw is daarmee een jaarvogel. 

Gangbaarheid

Meer informatie