huilerig
Uiterlijk
- hui·le·rig
- Naamwoord van handeling van huilen met het achtervoegsel -erig
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | huilerig | huileriger | huilerigst |
| verbogen | huilerige | huilerigere | huilerigste |
| partitief | huilerigs | huilerigers | - |
huilerig
- makkelijk en veel aan het huilen
- Het meisje was door verkoudheid en oververmoeidheid wat huilerig.
- Het woord huilerig staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "huilerig" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 96 % | van de Vlamingen.[1] |
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be