hikka

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Fins

Uitspraak

Zelfstandig naamwoord

hikka

  1. (medisch) hik


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • hik·ka
Naar frequentie zeldzaam

Werkwoord

hikka

  1. zwakke verbuiging verleden tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van hikke
Schrijfwijzen

Werkwoord

har hikka

  1. zwakke verbuiging voltooide tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van hikke
Schrijfwijzen

Werkwoord

hikka

  1. zwakke verbuiging voltooid (verleden) deelwoord van hikke
Schrijfwijzen

Zelfstandig naamwoord

hikka

  1. nominatief bepaald onzijdig meervoud van hikk
Schrijfwijzen


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • hik·ka

Werkwoord

hikka

  1. onbepaalde wijs, tweede vorm naast hikke, zie aldaar

hikka

  1. zwakke verbuiging verleden tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van hikka

har hikka

  1. zwakke verbuiging voltooide tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van hikka

hikka

  1. zwakke verbuiging voltooid (verleden) deelwoord bedrijvende vorm van hikka

hikka

  1. zwakke verbuiging gebiedende wijs van hikka

Werkwoord

hikka

  1. zwakke verbuiging verleden tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van hikke

har hikka

  1. zwakke verbuiging voltooide tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van hikke

hikka

  1. zwakke verbuiging voltooid (verleden) deelwoord bedrijvende vorm van hikke

hikka

  1. zwakke verbuiging gebiedende wijs van hikke

Zelfstandig naamwoord

hikka

  1. nominatief bepaald onzijdig meervoud van hikk
Schrijfwijzen