hachee

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ha·chee
enkelvoud meervoud
naamwoord hachee hachees
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

hachee m/o

  1. (voeding) een traditioneel, typisch Nederlands stoofgerecht op basis van blokjes vlees, vis of gevogelte, en groenten
    • Vandaag eet ik hachee met rodekool en aardappelen. 
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders
48 % van de Vlamingen.

Meer informatie