goeddeels

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • goed·deels
Woordherkomst en -opbouw

Bijwoord

goeddeels

  1. voor het grootste gedeelte, bijna alles, grotendeels

Gangbaarheid

90 % van de Nederlanders;
80 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be