gevestigd

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·ves·tigd
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen gevestigd gevestigder gevestigdst
verbogen gevestigde gevestigdere gevestigdste
partitief gevestigds gevestigders -

Bijvoeglijk naamwoord

gevestigd

  1. al langer en duurzaam bestaand
    • Marco Borsato is een gevestigde naam in de Nederlandse showbizz. 

Werkwoord

vervoeging van
vestigen

gevestigd

  1. voltooid deelwoord van vestigen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.