geverfd

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·verfd
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
verven

geverfd

  1. voltooid deelwoord van verven
stellend
onverbogen geverfd
verbogen geverfde
partitief geverfds

Bijvoeglijk naamwoord

geverfd

  1. met verf bedekt, gekleurd
    • De ijdele, oude vrouw had bruin geverfde haren. 
    • De pas geverfde deur was nog nat. 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie