galop
Uiterlijk

- ga·lop
- Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘snelle gang van paard’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1588 [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | galop | galops |
| verkleinwoord | galopje | galopjes |
de galop m
- (paardrijden) de snelste gang van een paard
- Zij gingen over in galop.
- Het woord galop staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "galop" herkend door:
| 96 % | van de Nederlanders; |
| 98 % | van de Vlamingen.[2] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ "galop" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
- Geluid: galop (Angers, Frankrijk) (hulp, bestand)
- IPA: /ga.lo/
- Naamwoord van handeling van galoper "galopperen", óf van een mogelijk Oudfrankisch woord *walhlaup, een samenstellinng van *wal "slagveld" en *hlaup "sprong; loop", cognaat met Oudhoogduits hlauf, Duits Lauf [1] en Nederlands loop
| enkelvoud | meervoud | ||
|---|---|---|---|
| zonder lidwoord | met lidwoord | zonder lidwoord | met lidwoord |
| galop | la galop | galops | les galops |
galop m
- ↑ galop (Etymologie) in: Le Trésor de la Langue Française informatisé (1971-1994)
op de website cnrtl.fr
.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 5
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Paardrijden in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 96 %
- Prevalentie Vlaanderen 98 %
- Woorden in het Frans
- Woorden in het Frans van lengte 5
- Woorden in het Frans met audioweergave
- Woorden in het Frans met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Frans
- Paardrijden in het Frans