forge

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Engels

Uitspraak
  • IPA: /foʊɹdʒ/, /fɔːɹdʒ/
enkelvoud meervoud
forge forges

Zelfstandig naamwoord

forge

  1. smeltoven
  2. smidse
  3. vervalsing
vervoeging
onbepaalde wijs to forge
he/she/it forges
verleden tijd forged
voltooid
deelwoord
forged
onvoltooid
deelwoord
forging
gebiedende wijs forge

Werkwoord

forge

  1. smeden
  2. vervalsen
  3. met moeite vorderen