flesachtig

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • fles·ach·tig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen flesachtig flesachtiger flesachtigst
verbogen flesachtige flesachtigere flesachtigste

Bijvoeglijk naamwoord

flesachtig

  1. op een fles gelijkend
    • Dit organisme heeft een flesachtige vorm. 
Vertalingen

Gangbaarheid