fantaste

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • fan·tas·te
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord fantaste fantastes
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

fantaste v

  1. een vrouw met een abnormaal ontwikkelde fantasie
Afgeleide begrippen
Synoniemen

Gangbaarheid

60 % van de Nederlanders;
78 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be