erna

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • er·na
Woordherkomst en -opbouw
  vnw. bijw.
  voorzetselbijwoord     na  
 persoonlijk     erna  
aanwijz.   nabij     hierna  
  veraf     daarna  
  vragend/betrekk.     waarna  

Voornaamwoordelijk bijwoord

(scheidbaar)
erna

  1. vervangt persoonlijk vnw.: na+het na+ze:
    • Ik heb de hele nacht door gewerkt, maar de dag erna was ik zo moe dat ik toen weinig meer heb kunnen doen. 
  2. later dan een eerder genoemd moment

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.