duizelingwekkend

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Duizelingwekkend uitzicht
Uitspraak
Woordafbreking
  • dui·ze·ling·wek·kend
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen duizelingwekkend duizelingwekkender duizelingwekkendst
verbogen duizelingwekkende duizelingwekkendere duizelingwekkendste
partitief duizelingwekkends duizelingwekkenders -

Bijvoeglijk naamwoord

duizelingwekkend

  1. waar ze duizelig van wordt
    Toen hij bij de rand van de afgrond stond zag hij in een duizelingwekkende diepte van wel 1000 meter.