diezelfde

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • die·zelf·de
Woordherkomst en -opbouw

Aanwijzend voornaamwoord

diezelfde

  1. die gelijke identiteit bezittend; meervoud of mannelijk en vrouwelijk enkelvoud, zowel zelfstandig als bijvoeglijk gebruikt
    • Is dat is diezelfde brief?. 
    • Dat zijn weer diezelfde als gisteren. 
Verwante begrippen

Gangbaarheid

94 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.