deden samen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • de·den sa·men
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
samendoen

deden (...) samen

  1. meervoud verleden tijd van samendoen
    • Wij deden samen. 
    • Jullie deden samen. 
    • Zij deden samen. 

Gangbaarheid