dankwoord

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Karin Spaink tijdens het uitspreken van een dankwoord
Uitspraak
Woordafbreking
  • dank·woord
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord dankwoord dankwoorden
verkleinwoord dankwoordje dankwoordjes

Zelfstandig naamwoord

dankwoord o [1]

  1. korte tekst of toespraak om mensen te bedanken
    • Sanne Wevers, gekleed in een creatie van modeontwerper Addy van den Krommenacker, herinnerde in haar dankwoord aan de weg naar goud, die lang heeft geduurd en bezaaid was met hindernissen. Dat ze erin geslaagd was haar ambitie, haar plan, haar uitgestippelde route tot een goed eind te brengen, emotioneerde haar het meest, zei ze. Met goud als tastbare herinnering; op het Sportgala kwam daar nog eens de Jaap Eden Trofee bij.[2] 
     Dankwoord: Allereerst wil ik alle hikers en Trail Angels bedanken die ik heb ontmoet.[3]

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[4]

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. NRC Henk Stouwdam 21 december 2016
  3. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be